Logopedische
hulp bij

Spraakafzien is veel méér dan liplezen. Het is net als een hoortoestel niet zaligmakend. Het gaat om de versterkende combinatie van een goed aangepast hoortoestel en de training spraakafzien.  Zó krijg je een “optelsom” van 1+1= 3! Je leert technieken, krijgt allerlei praktische tips. Je goed horende omgeving heeft hierin een belangrijke taak en wordt erbij betrokken!

Over mij

Ik ben opgeleid als logopedist, docent-logopedie en heb
zowel gewerkt met kinderen vanaf 2 jaar als met volwassenen
tot 80+, patiënten en studenten.
Mijn werkervaring heb ik opgedaan als:

• Logopedist in het speciaal onderwijs ( mytylschool)
• Docent stem en uitspraak HBO- Opleiding Logopedie en
praktijkbegeleiding van studenten logopedie
• Praktijkhouder/logopedist in mijn eigen logopedie praktijk

Blog

vakantie met dyslexie

Wat doe ik met dyslexie in de vakantietijd?

Het is eindelijk vakantie!! Alle boeken aan de kant of toch niet helemaal? Vakantietijd en dyslexie gaat dat eigenlijk wel samen? Want hoe doe je dat als je dyslexie hebt of een leesachterstand? Wat doe je met die moeizaam veroverde verbetering van de werkwoordspelling? Hoe voorkom je terugval?

Elk jaar een terugkerend dilemma. Juist mensen met dyslexie, heb je zó hard gewerkt en dan heb je toch vakantie verdiend? Ja natuurlijk, ik zou de laatste zijn om dat tegen te spreken.

Elk begin van een nieuw schooljaar ook weer de terugkerende frustratie. Elke scholier of student is natuurlijk wat vergeten in die zes of meer weken vakantie, maar als je dyslexie hebt of al wat slechter bent in lezen en spelling…. Duidelijk dat hier veel méér is weggezakt.

In mijn eerste oude flat had ik een moederhaard. Ergens begin mei ging de gaskraan dicht en de verwarming uit. Oók in mijn eerste voorjaar en zomer in de bewuste flat. Tijdens de najaarsstormen gierde de wind om mijn niet zo goed geïsoleerde flat en wilde ik de kachel aanzetten. Die gaf niet thuis! De verwarmingsmonteur repareerde en vertelde me ondertussen wat ik had verzuimd te doen in de zomerperiode. Tijdens die 5 maanden vakantie voor de moederhaard elke 3 à 4 weken even de stekker in het stopcontact zodat de pomp even kon draaien en niet vastloopt. “Rust roest”, vatte hij zijn uitleg samen. Een beetje aandacht voor de kachel dus in die zomerperiode en als dank een warme woning in de koude periode! Deze raad bleek voldoende om in het volgende najaar een heerlijk snorrende kachel te hebben!

Dit verhaal vertel ik vaak aan “mijn leerlingen met dyslexie”. De link wordt gelegd naar hun dyslexie en uit het verhaal begrijpen ze dat er toch ook nog wel veel tijd over is voor vakantie in die “rustperiode”! Natuurlijk blijft de beslissing of ze het advies opvolgen iets van ouders en hun kind.

Kortom: “Wat doen jullie in de vakantie?”, is dan ook mijn jaarlijks terugkerende vraag aan ouders en leerling. Zes weken helemaal niets of toch liever een beetje aandacht blijven schenken aan lezen en spelling? Ook hier geldt namelijk dat “rust roest” en dat maakt de start van een nieuw schooljaar net zoals bij die kachel er niet gemakkelijker op.

Hoe terugval voorkómen in spelling en lezen en tòch vakantie vieren? We maken samen tijdens de laatste afspraak voor de vakantie een planning. Soms is het een kwestie van elke dag een andere keuze maken, soms een èn- èn situatie. Alles natuurlijk afhankelijk van leeftijd, ernst van de klacht en de vakantieplannen. De volgende tips geef ik o.a. over de planning voor de zomer mee voor een dagelijkse ” onderhoudsbeurt”:

  • In 2 zinnen de werkwoorden invullen. Doe dit nog vóór je naar beneden gaat om te ontbijten. Zo hoef je er de rest van de dag niet meer aan te denken en vergeet je het ook niet!
  • 1 blz. hardop lezen ( meer mag natuurlijk altijd).
  • Zachtjes in jezelf lezen mag ook!
  • Laat een van je ouders het eerste hoofdstuk van een nieuw boek lezen of totdat het boek na de kennismaking met alle personen in het boek leuk wordt.
  • Een van de ouders leest elk begin van een hoofdstuk en als het spannend wordt stoppen. Zo prikkel je de nieuwsgierigheid en de wens om zelf te lezen.
  • Veel kinderen met leesproblemen houden vooral van dóen: Zoek dan een kinderkookboek uit, een knutselboek met handleiding of een bouwpakket met een beschrijving. Het lezen krijgt dan een duidelijkere functie.
  • Moppenboeken en strips zijn vaak korte verhaaltjes, maar in de vakantie beter dan helemaal niets lezen!
  • Gesproken boeken in combinatie met het leesboek, (wèl blijven meelezen!) helpt om een spannend boek wat gemakkelijker te lezen.
  • Kookt of bakt je kind graag? Lezen en spelling tegelijk als je de kok zelf het boodschappenlijstje laat maken en opschrijven.
  • Zijn er broers en zussen die geen “onderhoudsbeurt” nodig hebben? Vaak is “gedeelde smart halve smart”. Helaas blijkt dat zij lezen vaak niet als “moeten” ervaren. Misschien kun je dan de afspraak maken dat zij in de tussentijd bijvoorbeeld de tafel dekken of een ander klein opdrachtje ‘moeten” doen.

Ongetwijfeld zijn er nog veel meer tips te bedenken. Heb jij goede ervaringen met andere lees- en spellingactiviteiten gedurende de zomer? Laat het me weten via [email protected] of via de FB pagina bij deze post en ik vul de lijst aan.

Voor alle spontane reacties op mijn bovenstaande vraag wil ik alle inzenders hartelijk danken. Via deze link kom je op mijn FB pagina waar alle reacties staan.  https://www.facebook.com/communiceren/posts/893570900844671

 

Fijne zomervakantie!

Wil je meer lezen over dyslexie?

 

 

Lees meer
Dyslexie behandelen met een methode of juist niet?

Dyslexie en hoogbegaafdheid kàn een behoorlijke valkuil zijn!

“Of ze eens langs mocht komen met haar zoon van 11 jaar”, was haar vraag. We zagen elkaar een paar dagen later: een bezorgde moeder met een olijke, vrolijke jongen. Haar jongste met twee slimme tiener zussen boven zich.

De entreetoets was ronduit schokkend geweest. Zoals het er nu uitzag, zou hij met moeite het VMBO gaan doen. Dat was op zich nog niet zo’n ramp. “We houden van onze kinderen zoals ze zijn”, maar beide universitair opgeleide ouders herkenden daarin niet hun wijsneusje.  Die benjamin die al vroeg als vanzelfsprekend gewoon meesprak en mee discussieerde in de gesprekken tussen zijn ouders en zijn oudere zussen. Alsof er geen 4 jaar leeftijdsverschil zat tussen hem en zijn jongste zus!

Op school zagen ze wel een slimme jongen die goed van de tongriem was gesneden. Maar… óók de jongen die zich probeerde te onttrekken aan herhaalopdrachten, terwijl hij dat toch echt nodig had volgens zijn leerkracht. Hij oogde dan vaak lui en ongeïnteresseerd in de klas. Een jongen die dan erg graag de clown uithing en vaak de lachers op zijn hand had. Daar hoefde hij niet veel moeite voor te doen met die onschuldige pretkijkers en die originele opmerkingsgave!

“Wat adviseer je ons met deze score van de entreetoets?” Ze toonde me een absurd hoge score voor de rekenvakken, ietsje minder maar nog steeds een fantastische voor studievaardigheden. Ze vormden een schril contrast met begrijpend lezen en vooral de lage spellingscore leek in het rijtje niet thuis te horen.

Als logopedist kán ik nooit zoveel met alleen maar scores. Ik wil ook graag het proces zien en “iemand in mijn vingers krijgen”. Hoe komen scores tot stand? Hoe reageert iemand, waar twijfelt hij, waar reageert hij direct zonder nadenken, zijn er veel doorhalingen te zien als hij schrijft, hoe is het handschrift, is er bij spelling veel sprake van “trial en error”?

De tests waren voor mij èn voor hem een feest. Het enorme tempo waarin we door de tests gingen…. . Zijn terloopse serieuze kritische opmerkingen over sommige testonderdelen. De humor èn de verbazing dat ik hem daarin serieus nam, maar …geen greintje van clownsgedrag.

De omslag kwam bij de onderdelen hardop lezen en spelling. Geeuwen, wreveligheid, op de klok gaan kijken….clownesk gedrag heb ik niet gezien, maar ik begreep wel wat ze op school bedoelden.

Secundair gedrag noem ik dat. Gedrag dat je vertoont om gevoelens of je ware gemoedstoestand te verdoezelen. Compenseren ook met wat je wèl aan bagage hebt.

In het volgende gesprek was er opeens verdriet.  Bij de zoon …De frustratie en de ergernis waarom het klasgenoten zo gemakkelijk afging en hem niet. Hij, die vaak diezelfde klasgenoten met rekenen moest helpen, want dat deed hij zo natuurlijk en op zo’n simpele manier aangepast aan de leeftijd van zijn klasgenoot. Hij schaamde zich ook, want hij wíst dat hij veel slimmer was dan die andere klasgenoten. We sloten de afspraak af met het advies hem bij een goede psycholoog/orthopedagoog gespecialiseerd in dyslexie aan te melden voor een onderzoek.

Gelukkig voor hem was de wachtlijst kort. Er was immers nog maar een jaar te gaan voor de definitieve schoolkeuze. Opluchting aan de telefoon en heel veel vragen een maand later. Ouders hadden het goed gezien, school had het óók goed gezien, maar er was veel werk te verrichten!

Dyslexie met nadruk op dysorthografie (de spelling) in combinatie met een hoogbegaafheid en een brede belangstelling. De puzzelstukjes vallen vanzelf in elkaar. Hoogbegaafd en dyslexie! Dyslexie wordt vaak gezien als een automatiseringsprobleem, maar…. dat los je niet op met blijven herhalen en “meer van hetzelfde”. Dat laatste al helemáál niet bij iemand die hoogbegaafd is!

Voor mij een feest om zoals ik altijd gekscherend zeg “misbruik te mogen maken” van hun intellectuele capaciteiten. Van: “hé wat kun jij eigenlijk allemaal wèl?” en “zullen we daar eens lekker gebruik van maken?”

Deze jongen stuurde me onlangs een berichtje via linkedin.….. cum laude geslaagd voor zijn universiteitsstudie in….. elektrotechniek! Heel bijzonder om dat berichtje na jaren van geen contact meer toch te mogen ontvangen.

Herken je dit verhaal en wil je reageren? Dat kan… stuur me een berichtje via [email protected]

Wil je meer over dit onderwerp lezen? https://www.logopedie-dyslexie-silvia-linssen.nl/stapelen-onderwijs/

 

Lees meer

Logopedie en/of orthodontie en in welke volgorde? Wat zijn “in stand houdende” factoren?

Kies je orthodontie en/of logopedie bij dit gebit en in welke volgorde? De reacties op deze vraag op Facebook waren overweldigend. https://www.facebook.com/communiceren/posts/847080305493731  Niet raar als je bedenkt dat tegenwoordig bijna elke tiener uitgerust is met indrukwekkende orthodontische middelen. Iedereen kent wel iemand van deze leeftijd. Het resultaat is na een paar jaar vaak adembenemend.

Wat doe je eerst? Wat vind je de logische volgorde bij de volgende voorbeelden? Eerst maagtabletten kopen en daarna je voedingspatroon veranderen? Eerst gebitscorrectie en dan het duimen afleren? Eerst je haar föhnen en het dan wassen? Stuk voor stuk voorbeelden waarvan het antwoord wel duidelijk is.

Maar toch, eerst de gevolgen dus met orthodontie en dan de oorzaak aanpakken met logopedie? Iemand met maagpijn meteen maagtabletten voorschrijven of eerst informeren naar het voedingspatroon? Meteen een maagverkleining of eerst het voedingspatroon bespreken? Stemtherapie geven en dan pas stoppen met schreeuwen, of stoppen met praten in een lawaaierige omgeving? Orthodontie en daarna het verkeerde tonggedrag aanpakken of zelfs helemaal niet?

De antwoorden op mijn vraag waren divers. Overheersend was vooral de mening dat orthodontie bij dit gebit de eerste en/of belangrijkste stap was. Het bevestigt voor mij een aantal dingen: 1. We zijn in dit land inmiddels zo gewend aan de beugels en andere fascinerende staaltjes orthodontie, dat het kennelijk bijna een múst is op een bepaalde leeftijd. 2. De voorlichting van logopedisten bij veel tandartsen (de belangrijkste verwijzers) en orthodontisten is niet zo succesvol geweest. 3. De ouders zijn onvoldoende op de hoogte van oorzaak en gevolg op het gebied van het gebit. 4. Wat jammer dat de logopedist van de GGD is wegbezuinigd. Een verkeerde bezuiniging in vele opzichten!

Voorlichting op het gebied van preventieve orthodontie is dus noodzakelijk! Voorlichting over bijdrage van logopedie op dit gebied. Voorlichting over tijd- en geldbesparing. En… niet te vergeten vooral ook voorlichting over het besparen van frustratie bij de persoon in kwestie.  Ter illustratie een paar waargebeurde verhalen uit mijn praktijk:

Voorbeeld 1: Jongen van 15 komt binnen met de klacht lispelen (slissen in de volksmond). Hij heeft een drietal jaren “gebeugeld”. Sinds een half jaar is de beugel verwijderd en nou blijkt dat er sprake is van een relapse. Een mooi woord voor terugval.  Het orthodontische werk dreigt te niet te worden gedaan. “Toch ook maar eens naar laten kijken door een logopedist”,  aldus zijn orthodontist.  “Wat vind je er zèlf van dat je naar de logopedist moet?”, vraag ik de tiener. “Ik baal stevig en heb er geen zin in”, is zijn eerlijke antwoord. Tijd voor een gesprek waarin hij en zijn ouders uitleg krijgen over die sterke tong. Die tong die voor de tongpers zorgt tijdens het slikken ( jawel, liefst 2 maal per minuut en minimaal 1½ kg per keer tegen de voortanden), de spraak waarbij diezelfde tongpers óók zijn verwoestende werk doet. Die tong die uiteindelijk de sterkste is en dus wint. Dikke pech voor het resultaat van de orthodontist. Dikke pech ook voor deze jongen. Hij zit niet te wachten op logopedische therapie op deze leeftijd.

Voorbeeld 2: Meisje van 7 jaar wordt verwezen door de logopedist van de GGD omdat ze lispelt. De ouders vragen zich af of het gebit (zie  bovenste foto) zorgt voor het lispelen. “Kan het ook andersom zijn en dat het gebit zó is gaan staan vanwege die tong?”, vraagt moeder zich hardop af. Er volgt een gesprek over ” in stand houdende factoren” en oorzaak-gevolg. Na logopedisch onderzoek wordt OMFT geadviseerd. OMFT( oro-myofunctionele therapie). Samengevat houdt deze therapie in dat men start met de correctie van de tongplaatsing in rust, tijdens het slikken en tijdens het spreken. Gemiddelde tijdsduur: een therapie van 15 behandelingen soms zelfs inclusief de na-controles. De mate van motivatie en doorzettingsvermogen van zowel ouders als kind zijn mede bepalend voor de tijdsduur. Dankzij een mondtrainer kun je eventueel verder automatiseren.  Dit gebeurt ‘s nachts gedurende 3-6 maanden. Waarom ‘s nachts? Omdat ook tijdens de slaap de juiste tongligging gestimuleerd moet worden tot een ingeslepen nieuwe gewoonte.

Het verloop en het resultaat van beide voorbeelden. De tiener heeft ondanks zijn bij elkaar geraapte motivatie en doorzettingsvermogen een redelijk resultaat bereikt. Het kostte hem veel energie, want een ingeslepen gewoonte is moeilijker te veranderen als je 15 bent. Dat is gemakkelijker wanneer je nog maar 7 jaar bent. Het resultaat van de 7-jarige is het tweede fotootje. Zonder tussenkomst van een orthodontist. Dankzij OMFT en vooral niet te vergeten de motivatie van ouders en kind. Terugval is met name bij haar niet te verwachten omdat zij dit op een vroeg tijdstip zich eigen heeft gemaakt.

Tot slot: Natuurlijk wil dit niet zeggen dat een logopedist alle gebitsafwijkingen zonder tussenkomst van de orthodontist kan oplossen. Integendeel zelfs. Het zou wèl fantastisch zijn als de logopedist eerder wordt betrokken bij het oplossen van gebitsproblemen. Het zou in het belang van de hulpvrager zijn als in gevallen als hierboven een zorgvuldige afweging wordt gemaakt wat de in stand houdende factoren zijn. Eerst oorzaak verhelpen en dan gevolgen! Er blijft echt genoeg orthodontisch werk over in veel gevallen, maar een “relapse” vanwege de verkeerde tongfunctie is dan verleden tijd.

Wil je reageren of heb je vragen over de OMFT behandelingen? Je kunt altijd een berichtje sturen naar [email protected]

 

Lees meer
spraakafzien is niet hetzelfde als liplezen

Spraakafzien of gewoon liplezen?

“Spraakafzien, of een cursus liplezen?” De audicien adviseerde me om een cursus spraakafzien te volgen, maar bedoelt hij niet gewoon liplezen?” Zo luidde de openingszin van een bericht per e- mail.

En diezelfde week nogmaals….. “een cursus spraakafzien of liplezen”?   “Oh…. je bedoelt waarschijnlijk een cursus liplezen”. Vaak worden deze twee termen door elkaar gehaald. Toch zijn ze niet hetzelfde. Liplezen is onderdeel van de cursus spraakafzien. Vanwege die verwarring tijd voor wat meer verduidelijking.

Wat is spraakafzien dan wèl? Spraakafzien is niet alleen het “liplezen”. Je leert spelenderwijs hoe alle klanken te herkennen zijn en waar je ze in je mond maakt. Welke zijn zichtbaar en welke niet. Het tèchnische deel zullen we maar zeggen. Nog vóór de cursus goed en wel gestart is, ontdekt je al wat. Je ervaart wat je als slechthorende al ongemerkt doet, namelijk spraakafzien! Dat is namelijk al gestart in de slechthorende periode die achter je ligt. Dat is vaak de eerste verrassende ontdekking die men doet. Nèt zoals de constatering dat je als slechthorende er véél beter in bent dan die “gespecialiseerde” logopedist en je goedhorende omgeving!  Je gebruikt je andere zintuigen al!  Die draaien op volle toeren om het gehoor compenseren. Het leren kijken naar lichaamstaal bijvoorbeeld en naar de gezichtsuitdrukking. Het gebruiken van de context….

De cursus spraakafzien besteedt ook aandacht aan de regie in handen houden. Samen kijken waar de knelpunten liggen in de communicatie. Met wie en wanneer en vooral ook waaróm? Wat doe jij? Wat doet de ander? Wat is de wisselwerking? Dit gebeurt in de gesprekken tussendoor, want het “liplezen” als oefening kan behoorlijk vermoeiend zijn. Dit is ook een klacht die vaak vergeten wordt, maar alles bepalend kan zijn. Ga je dan nog wèl of niet naar die receptie, verjaardag, die vergadering? Wat doe je aan die vermoeidheid? Hoe ga je daar mee om?

Aandacht dus voor de zelfredzaamheid. Wat en hoe kan ik in een spreeksituatie zo goed mogelijk meedoen? Wat is daarvoor nodig en misschien moet ik op zo’n situatie wel anticiperen. Wat is realistisch en wat zijn mijn verwáchtingen? Moet ik ze bijstellen? Moet ik misschien van te voren al bedenken hoe de bijeenkomst zal zijn? Hoeveel mensen er zijn en in wat voor een ruimte we zitten? Is er veel omgevingslawaai? Is men op de hoogte van mijn gehoorprobleem? Als men niet op de hoogte is….. hoe ga ik daar dan mee om?

Spraakafzien is geen éénrichtingsverkeer! Op het moment dat we communiceren zijn we minimaal met z’n tweeën. Natuurlijk ben je als slechthorende de constante factor in je dagelijkse gesprekken. Je gesprekspartners wisselen. In een cursus is het daarom praktisch om bij jóu te starten. Tijdens de cursus komen de knelpunten meestal vanzelf wel ter sprake en kan besproken worden hoe ermee om te gaan. Het is ook minstens zo belangrijk om je goedhorende omgeving in te schakelen. Tijdens de cursus bijvoorbeeld. Neem ze mee naar de les. Láát ze maar eens ervaren hoe het is om zónder of met een sterk verminderd gehoor te moeten communiceren. Hoeveel energie dat kost en hoe frustrerend dat kan zijn. Via een ervaring aanbieden komt het inzicht. Vanuit het inzicht het begrip. En dan is het opeens niet meer alleen jóuw probleem, maar óns probleem!

“Is er één gouden tip te geven?”, vroeg iemand me eens. Tja… elke persoon en elke leefsituatie is natuurlijk uniek. In eerste instantie was het antwoord “nee”. ’s Avonds terugdenkend over de vraag en de wat teleurgestelde reactie van de vragensteller, twijfelde ik. Want:

Waarom verloopt het ene contact zo gemakkelijk en bijna vanzelfsprekend en het andere zo stroef? Waarom haalt de ene cursist er 200% uit en de andere veel te weinig naar zijn èn mijn zin? Heeft het met intelligentie te maken? Niet echt. Ja, een goede taalbeheersing, woordenschat en brede interesse helpen. Graag onder de mensen zijn helpt ook. De noodzaak omdat je een communicatief beroep hebt ook. Maar er is méér wat de sleutel is tot een geslaagd resultaat.

Wat hebben die mensen dan gemeen bij wie een cursus spraakafzien veel verbeterde aan hun gespreksdeelname met anderen?  Naast wat ik hierboven al noemde vooral ook: Humor en een positieve openheid over hun probleem. Zich niet beklagen en niet verwijten dat men onvoldoende rekening houdt met…, maar steeds ervoor uitkomen dat je iets niet goed hoort. Op een prettige manier de regie nemen in situaties. “Zullen we meer licht aandoen dan kan ik jullie beter volgen?”, is zoveel plezieriger dan “Kun je eens duidelijker praten?” Bekijken hoe je op een voor ieder praktische  manier de situatie zó verandert, dat jij actief deelneemt aan gesprekken. Laten zien dat jij belangstelling hebt in het gesprek. Humor en veel positieve creativiteit dat is waar het steeds weer om draait. Geldt bij alles wat een mens doet uiteindelijk niet: “met  honing bereik je meer dan met zure azijn?”

Wil je je ervaringen delen of wil je verder lezen: https://www.logopedie-dyslexie-silvia-linssen.nl/vlog/  of heb je interesse in een brochure over spraakafzien? Stuur een berichtje naar: [email protected]

Lees meer
dyslexie en stapelen in het Voortgezet Onderwijs

Stapelen met dyslexie in het voortgezet onderwijs

 

Stapelen in de context van onderwijs betekent via kleine onderwijsstappen je doel bereiken. Bijvoorbeeld via de onderwijsroute VMBO-MBO-HBO-WO.  Geen probleem als je als tiener zo snel mogelijk de schoolbanken wilt verlaten en een beroepsgerichte opleiding wil volgen. Het is een ander verhaal als je CITO score aantoont dat je HAVO-VWO aankunt.  Je talenten en belangstelling wijzen in de richting van HBO of universiteit. Je doet dan veel langer over je middelbare schoolperiode dan je zou wensen.

Wat heeft “stapelen” met voortgezet onderwijs en vooral met dyslexie te maken? Eerder schreef ik een blog over: Dyslexie, taal en ons onderwijssysteem, passend onderwijs en wat er volgens mij mis was in ons onderwijs. https://www.logopedie-dyslexie-silvia-linssen.nl/dyslexie-en-ons-onderwijssysteem

Er wordt ondanks het passend onderwijs te weinig rekening gehouden met in dit geval het probleem dyslexie. Een aantal scholen is zich ervan bewust en zoekt naar de beste oplossingen. Helaas zijn de regels rond het eindexamen veranderd. Dat betekent voor veel leerlingen met dyslexie dat alle mogelijkheden opeens niet meer voor het examen gelden. Het betekent dat de talen voor de talentvolle bèta leerling een blokkade vormen. Een blokkade die trouwens ook nog problemen kan geven als zo’n VWO leerling naar HAVO of zelfs VMBO gaat. Spelling blijft spelling!

Onlangs meldden ouders en een brugklasser van het VO zich aan voor een gesprek. De ouders schetsten het beeld van een leerling die op de basisschool niet zo goed was in spelling. Verder werden hoge cijfers gehaald voor o.a. rekenen. De studiehouding en de verder relatief goede CITO- uitslag gaven de doorslag om naar een brugklas HAVO-VWO te gaan. In het najaar van de brugklas vroeg een leraar voorzichtig aan de ouders of hij misschien dyslexie heeft.  Die opmerking was toch reden om erover na te denken.

Ze kwamen bij mij voor een advies. Een logopedist gespecialiseerd in dyslexie mag géén diagnose stellen, wèl een logopedisch onderzoek doen. Vanuit die onderzoeken zijn vaak aanwijzingen te vinden die in de richting van dyslexie kunnen wijzen. Een op dyslexie gericht onderzoek gebeurt bij een in dyslexie gespecialiseerd bureau.

Tijdens de anamnese werd de vraag gesteld of er familiair sprake was van dyslexie. Dat was niet het geval. Ik vroeg beide ouders om hun studieverloop te beschrijven. Beide hoogopgeleide ouders hadden een verschillend traject doorlopen om uiteindelijk op de universiteit te komen. Één van de ouders “kon niet zo goed mee op de basisschool” en had via de route VMBO-MBO-HBO-WO het doel bereikt. Via het zogenaamde stapelen. De andere ouder via de korte route VWO-WO. Er werd destijds niet op dyslexie getest. Sterker nog: men kwam niet op de gedàchte dat het niet graag willen lezen en spellingproblemen een andere oorzaak konden hebben dan “dom of lui”.

Stapelen met dyslexie in het voortgezet onderwijs. Het speelt sinds kort weer vaker in mijn praktijk bij talentvolle leerlingen met dyslexie. De wettelijke faciliteiten rond spelling en spellingcorrector worden losgelaten richting het eindexamen. De taal- en spellingregels zijn voor hen die eerst dispensatie kregen teruggedraaid. Dat betekent dat spellingfouten weer genadeloos meetellen. Met andere woorden: typische dyslectische foutjes en inprent-achtige opdrachten zoals woordjes stampen ( vocabulair) vormen een beïnvloedende factor voor het al dan niet slagen. Het betekent voor deze leerlingen dat men bijna gedwongen wordt zo snel mogelijk een andere route te kiezen. Een meestal omslachtige, langere en duurdere route als men bijvoorbeeld tòch naar het HBO of de universiteit wil. Een richting waarbij men sneller de ballast van de talen kan loslaten.

Stapelen is, als je het mij vraagt, geen probleem voor de laatboeiers. Zij krijgen zo op een later tijdstip als het ware een herkansing. Met de huidige strengere exameneisen vormt het wel een onnodig struikelblok voor de leerlingen met dyslexie, die al een universitaire studie in gedachte hebben. Een grote bron van frustratie voor die talentvolle mensen met dyslexie en hun ouders. Talentvolle, intelligente en hardwerkende mensen waar we als maatschappij juist op zitten te wachten. We laten dit talent toch niet verloren gaan?

Wil je reageren of heb je n.a.v. dit verhaal vragen? Dat kan, stuur een berichtje naar [email protected]

 

Lees meer
vroege logopedische intereventie

Prietpraat fase in de taalontwikkeling?

Op mijn Facebookpagina vroeg ik laatst om de volgende zin aan te vullen: “Prietpraat is…..” Uit de antwoorden bleek hoezeer prietpraat werd gewaardeerd. Een schril contrast met wat prietpraat betekent als je op internet zoekt namelijk: “onbeduidend gepraat” Maar is dat ook zo?

Wij associëren prietpraat doorgaans vaak met kinderpraat. Kinderen leren hun taal dankzij hun omgeving. Hoe meer taalaanbod er is hoe meer er gestimuleerd wordt en kinderen er iets mee kunnen doen. We kennen allemaal de fase van het echoën, het heen en weer spelletje. Het eindeloos herhalen zoals de oma in een radiocommercial “OOOma, zeg dan oooma” ( ken je ‘m?).

Gaandeweg de taalontwikkeling ontdekt je peuter dat niet elke meneer een papa is en niet elke grijsaard automatisch een opa is. Ze ontdekken dat woorden voor een persoon of voorwerp worden gebruikt. Ze gaan van “hier-en-nu-taal” langzamerhand naar abstractere taal en dat kan ook gaan over wat al geweest is.

Maar….Wat is prietpraat eigenlijk? Prietpraat is taal die al vroeg in de taalontwikkeling kan voorkomen en ook nog heel lang aanwezig blijft. Een creatieve fase in de taalontwikkeling. Vooral de wat verder gevorderde prietpraat geeft een mooi inkijkje in de belevingswereld van de spreker. Het zijn vaak originele taalvondsten waar menig auteur, cabaretier en dichter jaloers op kunnen zijn.

Voor mij is prietpraat steeds weer genieten omdat ze bol staan van de fantasie. Voor mij zijn “prietpraters” ware taalkunstenaars die hun taalkennis en -vaardigheid oefenen. Die met de taal spelen en experimenteren. Net zoals het gebruik van spreekwoorden in de taal, vormen zij voor mij de spreekwoordelijke kers op de taart.

Op internet vond ik mooie uitspraken, waaruit ik een paar uitspraken citeer. Wie weet is menig cabaretier in zijn of haar jeugd wel een echte prietprater geweest? Misschien zelfs altijd wel een beetje gebleven?

Lees en geniet van de onderstaande woordspelingen en gedachtespinsels. Zie hoe complex een taal is om te leren. Deze taaljuweeltjes geven een beeld hoe hard er gewerkt wordt in een kinderhoofd! Je kunt er later zelfs je beroep van maken, een oud jaars conference geven, dus nonsens taal? Oordeel zelf maar. Het was voor mij moeilijk om een keuze te maken!!

Peuter kijkt naar het beslagen raam en zegt: “Het raam is bezweet”.

Als je geen voorrang hebt, dan heb je achterrang.

Cindy (6 jaar) zat naast haar juf in de kring toen jufs maag begon te knorren.
“Juf, het onweert in je buik”.

 

Is Prietpraat onzin taal? Oordeel zelf.

En het onderwerp waar de kinderen vandaan komen blijft altijd weer een boeiend onderwerp:

Toen Martijn drie was, stelde hij op een dag de volgende filosofische vraag: “Mam, waar was ik toen ik er nog niet was?” Ik vertelde hem toen dat hij nog een eitje was in mama’s buik. Na een minuut nadenken kwam hij terug:” Maar mama, als ik een eitje was, was jij dan een kip?”

Een vrouw was 10 dagen over tijd en haar 4 jarige zoon begreep dat het allemaal wel lang duurde dus om haar gerust te stellen verzekerde hij haar dat ze er wel uit zou komen als ze honger kreeg.

Mama, hoe weet de buik dat ze getrouwd zijn?
(getrouwde mensen krijgen kinderen)

Het was vrij koud buiten en moeder en dochter ( 3 jaar) waren aan het fietsen. Door de kou kreeg ze tranen in haar ogen,
verontwaardigd reageerde ze met:  “Mam ik heb ergens zeer, maar ik weet nog niet waar”. 

En Lotte gaat binnenkort op paard-les-rij.

2 broertjes (5 en 8) voor het raam, het is nogal mistig:
Zegt de één: “Ma, het mist buiten”
Zegt de ander: “Nee hoor, kan ook regen zijn die stil staat!”

Een stagiaire bij een peuterspeelzaal:
Een jongetje kwam melden dat hij moest plassen, dus zij vroeg: “Kan je dat alleen?” Het antwoord was: “Je moet alleen even helpen met mijn snelbinders”.
Hij bedoelde zijn bretels….

Heb je ervan genoten en wil je er meer lezen? Ze staan op deze site: Pinkelotje.nl/prietpraat

Heb je zelf een mooie gehoord van je kind of wil je reageren? Dat mag. Stuur me een bericht op [email protected]

Lees meer

Testimonials